KAN EEN LEERKRACHT IN DE STEINERSCHOOL ATHEÏST OF AGNOST
ZIJN?

Als een atheïst, dit wil zeggen: iemand die niet gelooft in God,
goden of geestelijke werelden, les wil geven aan een steinerschool, kan die dat
dan? En een agnost, iemand die beweert dat men God, goden en geestelijke werelden
niet kan kennen, kan die lesgeven aan een steinerschool?

In een steinerschool hangen doorgaans geen religieuze
afbeeldingen, geen kruisbeelden en dergelijke, al is dit niet helemaal waar,
want in bijna álle steinerkleuterklassen en in vele klassen van de lagere
school hangt een ingekaderde reproductie van de Sixtijnse madonna van Rafael Sanzio. Waarom hangt die daar? Om de
kunstzinnige voorstelling van de Madonna met het kind Jezus? Ja, ook, maar
vooral omdat antroposofen in dit schilderij een afbeelding zien van hoe de mens
uit de geestelijke wereld neerdaalt op aarde: de kleine kinderhoofdjes die als wolkjes rond Maria zweven zouden de mensenzielen zijn die klaarstaan om te incarneren op aarde). Zie:

De twee kleine engeltjes
vooraan zouden de twee fameuze Jezuskinderen zijn die Steiner uit zijn
geestelijk schouwen heeft meegebracht. Wil je meer weten over wat antroposofen in
dit schilderij zien, lees dan eens wat Lieven De Brouwere erover schrijft in
zijn blog https://vijgennapasen.wordpress.com/tag/sixtijnse-madonna/(jammer genoeg moet je eerst door een korte vileine tekst over de islam)
Of wat de Vlaamse antroposoof Jos Verhulst erover schrijft:

De Sixtijnse madonna is in steinerscholen de evenknie van het kruisbeeld in
katholieke scholen: een symbool van de geloofsovertuiging die er uitgedragen
wordt.

Ondanks de overal aanwezige Sixtijnse madonna, de dagelijks
herhaalde spreuken en de antroposofische visie op geschiedenis, plantkunde,
mens- en dierkunde beweren de steinerscholen geen levensbeschouwelijke scholen
te zijn. Godsdienstonderwijs wordt er ook niet gegeven. Als atheïst of agnost
zou je er dus probleemloos aan de slag kunnen. Maar dat is niet zo.

In een
gesprek met een lid van de Federatie van Steinerscholen in Vlaanderen (H.A.) werd me duidelijk gemaakt dat een steinerschool zonder antroposofie niet kan. Je
kunt geen leerkracht zijn in een steinerschool zonder de antroposofie te
omhelzen. En dat is nu net het probleem: als je in een steinerschool wil
lesgeven – bijvoorbeeld omdat je je aangetrokken voelt door het kunstzinnige –
dan MOET je de antroposofie erbij nemen. Dat wil zeggen dat je alles wat
Steiner verkondigd heeft, moet aanvaarden. Het staat trouwens in zowat alle
aanwervingsvoorwaarden: je moet je willen verdiepen in de antroposofie. In de
praktijk komt het daarop neer dat je meedoet met wat enkele leidende figuren in
elke school opleggen: de spreuken zeggen en de verplichte steinervoordrachten
lezen.

In vele steinerscholen kom ik echter leerkrachten tegen die amper iets van Steiner
gelezen hebben, en er zich ook weinig van aantrekken. In hun lessen geven ze
wat anderen hen aanreiken of ze baseren zich – helaas – op werkboekjes en
schriften van leerlingen uit voorgaande klassen. De weinige leerkrachten die
zich antroposofisch scholen houden zich soms meer met antroposofie bezig
dan met pedagogie, maar hun vocabularium verspreidt zich wel over de hele
school. Zo kom je leerkrachten tegen die – zonder enige ervaring met de
geestelijke wereld – vol ernst en overtuiging spreken over etherlichaam,
astraallichaam, bewaarengelen en een moed verstrekkende aartsengel Michaël,
wiens naamfeest op 29 september in elke steinerschool gevierd wordt,
doordrongen van het antroposofische gedachtegoed, terwijl men dan net zo goed
een mooi herfstfeest kan vieren en dat ook zo noemen.

Toch heeft die antroposofische invloed in de scholen een
gunstig effect. In elke steinerschool ontmoet je cultuur. Geen banale
gesprekken over voetbal, koers of andere dagdagelijkse besognes in de lerarenkamer, maar oprechte
gesprekken over de kinderen, over kunst, over culturele evenementen. Op deze
scholen wordt er nagedacht en vanuit een filosofische visie – hoe eigenaardig
die ook mag zijn – gehandeld. Er is oog voor schoonheid, er leeft respect voor
mens en omgeving. De materialen, van natuurlijke oorsprong, zijn met zorg
gekozen. De klasinrichtingen zijn eenvoudig en de versiering sober; helemaal
het tegengestelde van wat je in andere (reguliere en alternatieve) scholen soms ziet. Vergelijk een rust uitstralende steinerkleuterklas maar eens met een kleuterklas uit reguliere of alternatieve
scholen: wat een schreeuwerige kakofonie kom je daar niet tegen!

Wat ik zoek, niet voor mezelf, want ik heb het voor een
groot deel kunnen realiseren, maar voor de vele ouders op zoek naar een goede
school voor hun kind, is een school waar minstens dezelfde zorg, minstens dezelfde
kunstzinnigheid, minstens hetzelfde respect heersen als in een steinerschool,
maar dan zonder de antroposofische indoctrinatie. Kortom een steinerschool waar
atheïsten en agnosten zich thuis kunnen voelen. Moet dat dan zonder Steiner?
Helemaal niet, want de beste pedagogische ideeën van Steiner komen niet voort
uit zijn antroposofie, maar uit zijn gezond boerenverstand óf heeft hij van anderen. Het blijft hoe dan
ook zinvol om Steiners teksten en voordrachten over pedagogie te lezen.

Een goede steinerschool is een school waar ook pedagogische werken van andere auteurs dan R. Steiner met aandacht gelezen en
besproken worden, want Steiner is niet de enige zaligmakende pedagoog.

Zijn
leerplannen hebben dringend een update nodig om te voldoen aan het eenentwintigste-eeuwse
leven – we leven toch ook niet meer in de maatschappij van 1919 – en aan de huidige
wetenschappelijke inzichten.

Hoe kun je een steinerschool zonder antroposofie creëren?

Vervang de spreuken door liederen die geen religieuze inhoud
verkondigen. Er zijn meer dan voldoende mooie liederen om een schooldag mee te
beginnen en mee af te sluiten. Of zeg een spreuk zoals die spreuk van Christian
Morgenstern die vóór het eten gezegd wordt: zonder antroposofische
geloofsverkondiging. Een mooi gedicht kan ook voor wie houdt van een poëtische
opmaat, maar zeg niet jaren achtereen dezelfde spreuk of hetzelfde gedicht.

Schoolfeesten kunnen gemakkelijk losgekoppeld worden van de
antroposofie aangezien het seizoens- en volksfeesten zijn. De zogenaamde geestelijke achtergronden ervan heb je niet nodig om een zinvol feest te
vieren. Een Michaëlsfeest is trouwens gewoon een herfstfeest; een Sint-Jansfeest is ook
gewoon een midzomerfeest. Kerstmis mag gerust over de geboorte van Jezus gaan,
maar ook over Mithras of Boeddha of Mozes en het kan tegelijk ook een algemeen geboortefeest zijn.

Vakken als geschiedenis, plantkunde, mens- en dierkunde laat
je aansluiten bij de hedendaagse stand van de wetenschappen. Deze vakken hebben
echt geen behoefte aan antroposofie. Het vak menskunde zou een volwaardig vak
moeten worden in 4e, 5e en 6e klas. En gezien de grote ontwikkelingen op
sterrenkundig en weerkundig vlak en op het gebied van ruimtevaart zou een vak
als astronomie zeker moeten toegevoegd worden aan het curriculum van de lagere
school.

Lees en bediscussieer met de leerkrachten oude en recente inzichten
op pedagogisch vlak via boeken, handleidingen enz. Naast Steiner en Montessori
moeten boeken van bijvoorbeeld Freinet, Furedi, Omer, Moonen, Van den Broeck, Verhaeghe,
Savater, Masschelein, Stevens en vele anderen bestudeerd worden.

Om terug te komen op mijn vraag: Kan een atheïst of agnost leerkracht zijn aan een steinerschool?

Ja, als die steinerschool al de antroposofische
elementen achterwege laat. Een instituut zoals een school hoeft geen
antroposofische instelling te zijn; alleen de Antroposofische Vereniging is een
antroposofische instelling.
In een steinerschool (of gelijk welke school) kunnen
leerkrachten als persoon, als individu, antroposoof zijn, maar de leerkrachten
mogen gelijk welk geloof aanhangen of atheïst/agnost zijn, want een religieuze
of niet-religieuze overtuiging maakt deel uit van het geestesleven en dat moet,
zoals Steiner aangeeft, vrij zijn.
Het is dan ook een noodzaak dat alle elementen
in een steinerschool die vanuit een antroposofische visie afkomstig zijn, eruit
verwijderd worden.

En het christelijke element dat zo overvloedig aanwezig is in de steinerpedagogie, wat doen we daarmee?
Omdat het christelijke nu eenmaal tot onze cultuur
behoort en tot voor korte tijd zo goed als allesbepalend was in onze
maatschappij, moet het voorlopig nog als cultureel erfgoed aan bod komen. Er is
zo veel in onze wereld dat naar het christendom verwijst dat de kinderen er
recht op hebben om te weten wat dit is en waarover het gaat. Zodra de
christelijke relicten verdwenen zijn, zal het christendom enkel en alleen nog
in geschiedenislessen behandeld worden.

www.cielen.eu